I&A voert gericht onderzoek uit naar oorzaken van gezondheidsklachten

Biologische Agentia (BIA)

Tijdens werkzaamheden in een technische ruimte hebben meerdere medewerkers gezondheidsklachten ervaren. Deze klachten zijn gemeld bij de werkgever en vormden aanleiding om de situatie nader te laten onderzoeken. I&A is gevraagd dit onderzoek uit te voeren om inzicht te krijgen in de mogelijke aanwezigheid van biologische agentia en de risico’s voor de gezondheid van werknemers.

De werksituatie

De werkzaamheden vonden plaats in een technische ruimte waar een stroomstoring was opgetreden. Volgens de monteurs werd deze storing vermoedelijk veroorzaakt door een zeer hoge luchtvochtigheid. Tijdens de werkzaamheden was sprake van duidelijke vochtproblemen, waaronder druppelvorming aan het plafond en natte muren. Op verschillende materialen, zowel organisch (houtvezelplaten) als anorganisch (kunststof onderdelen), was schimmelvorming zichtbaar.

De werkzaamheden duurden de gehele nacht. Tijdens het werken ontwikkelden drie medewerkers klachten zoals hoofdpijn en duizeligheid. Na afloop kregen zij allen maag- en darmklachten in de vorm van diarree. Enkele weken later traden bij één van de medewerkers opnieuw klachten op na kortdurende betreding van dezelfde ruimte, wat duidt op een herhaald blootstellingsrisico.

I&A voert gericht onderzoek uit naar oorzaken van gezondheidsklachten

De aanpak

Op basis van de meldingen is een interview afgenomen met de betrokken medewerker. Daarnaast zijn foto- en videobeelden van de ruimte beoordeeld en is overleg gevoerd met een microbiologisch specialist. Gezien de vochtige omstandigheden en de aard van de klachten is besloten om gericht onderzoek te doen naar de aanwezigheid van biologische agentia.

Conform de geldende richtlijnen zijn metingen uitgevoerd naar schimmels en bacteriën in zowel de lucht als op oppervlakken. De metingen zijn verricht in de technische ruimte, in een aangrenzende ruimte en in de buitenlucht bij de ingang van de locatie. Hiermee kon zowel de mate van verontreiniging als de mogelijke herkomst worden beoordeeld.

I&A brengt risico’s voor gezondheid van medewerkers zorgvuldig in beeld

De bevindingen

Uit de metingen blijkt dat in de technische ruimte verhoogde concentraties bacteriën en schimmels aanwezig zijn, zowel in de lucht als op oppervlakken. Ook in de aangrenzende ruimte zijn verhoogde waarden aangetroffen, zij het in mindere mate. De buitenluchtmetingen laten duidelijk lagere concentraties zien, waarmee kan worden uitgesloten dat de verhoogde waarden van buiten afkomstig zijn.

Onder de aangetroffen micro-organismen bevinden zich pathogene soorten die binnen gevarenklasse 2 vallen. Met name schimmels zoals Cladosporium en Aspergillus kunnen bij blootstelling allergische klachten veroorzaken. Daarnaast werden er meerdere soorten bacteriën aangetroffen, die in de literatuur worden geassocieerd met maag- en darmklachten bij blootstelling of indirecte inname.

De conclusie

Op basis van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat in de technische ruimte sprake is van een verhoogde blootstelling aan pathogene biologische agentia. De gemeten concentraties wijken duidelijk af van wat normaal wordt aangetroffen in vergelijkbare werkruimten. De gemelde gezondheidsklachten zijn, gezien de aard van de blootstelling en de aangetroffen biologische agentia, arbeidshygiënisch gezien aannemelijk te relateren aan de werkzaamheden in de technische ruimte.

De aangetroffen micro-organismen vallen binnen gevarenklasse 2, wat betekent dat zij ziekte kunnen veroorzaken en een risico vormen voor de gezondheid van werknemers. Verspreiding onder de bevolking is echter onwaarschijnlijk en behandeling is doorgaans mogelijk.

De verbetermaatregelen

Gezien de risico’s wordt geadviseerd de technische ruimte niet te betreden zolang de oorzaak van de microbiële groei niet is verholpen. De hoge luchtvochtigheid in combinatie met temperatuur vormt de belangrijkste oorzaak van de groei van bacteriën en schimmels en dient structureel te worden aangepakt. Daarnaast is een grondige reiniging door een gespecialiseerd bedrijf noodzakelijk, evenals het verbeteren van de ventilatie om herhaling te voorkomen.

Indien betreding van de ruimte toch noodzakelijk is, dienen medewerkers gebruik te maken van geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen, waaronder beschermende kleding, oogbescherming en ademhalingsbescherming met een P3-filter. Daarnaast is het belangrijk om strikte hygiënemaatregelen toe te passen.

Metingen door I&A naar biologische agentia in een binnenomgeving

De evaluatie

Naast technische en organisatorische maatregelen is het van belang om de risico’s van biologische agentia structureel te borgen binnen de organisatie. Dit betekent dat de technische ruimte duidelijk moet worden gemarkeerd met een waarschuwingsaanduiding en dat medewerkers adequaat worden voorgelicht over de aanwezige risico’s.

Het onderwerp biologische agentia dient te worden opgenomen in de RI&E. Tot slot wordt aanbevolen om de conclusies en verbetermaatregelen uit dit onderzoek te bespreken met de eigenaar of beheerder van de technische ruimte, zodat passende vervolgacties kunnen worden afgestemd en vastgelegd.